De kneusjesclub

 
Op donderdagvoormiddag ergens in juni stonden we als gezworen kameraden aan het fornuis. Iemand hield drie pannen vast, nog iemand roerde in de saus, een ander mixte groenten tot soep en nog een ander klopte mascarpone. We noemden onszelf de kneusjesclub.
 
Een redelijk stuk van mij kan niet tegen chaos. Onoverzichtelijke samenvattingen, een niet opgeruimd kot, een balpen die plots vlekken maakt,... Die dag was de keuken te rommelig. Ze lag vol kruiden, lepels, vorken en binnenpretjes van een tomaat. Ze deed mijn hoofd toertjes draaien.
 
We maakten slasoep, ratatouille, aardappelen en burgers van vlees en van quorn. We klutsten een saus van mosterd en tijm, want ketchup en paprikapoeder waren er niet. Toen tegelijk de dessertdame speculaas op de grond kruimelde, een kom wegwerpschillen bij de afwas stond, het vervangvlees op zwart karton leek en ik te laat besefte dat ik mijn hand aan het verbranden was, besloten we onze stommiteiten hilarisch te vinden.
 
Later aan tafel werden de werkzaamheden geproefd. Unaniem een prachtige flop, lachten we, met elk moment een leerkans en toch een smakelijk resultaat. Fouten maken mag, struikelen is heroriënteren, het allemaal niet perfect doen is helemaal oké. De afwassende hulpchaoot kroonden we tot Opperkneus.
Back to Top