Regendruppels

Als ik mijn ogen sluit, hoor ik de regen de venster kietelen.
Het glas gniffelt, het laat tranen van het lachen.
Als ik mijn ogen open, zie ik de sporen 
die de druppels op het raam achterlaten.
Het zijn lange strepen, 
dingen waar geen woord voor bestaat,
net zomin als voor tranen op een mensenhuid.
Niets is zo makkelijk te ontkennen als verdriet.

Waterschade

Je had vleugels.
Ze werden geknipt toen je klein was.
’De puntjes eraf,’ zei je moeder, 
alsof het haren waren die dan weer verder zouden groeien.
Je vloog altijd in een boogje, nooit recht vooruit.
Je botste tegen wolken en ik dacht
dat je loopings maakte.
Ik zweeg.
Mijn woorden lagen op het puntje van mijn tong,
maar dat leek ook afgeknipt.

Ik wou

Ik wou dat ik de wereld eens, heel even maar, 
in mijn armen kon nemen.
Dat ik hem in de lucht gooide en weer opving
en dat hij dan kirde van plezier.
Dan zou ik de Zuidpool in het midden leggen
en de evenaar doen kartelen, zodat mensen,
als ze op de evenaar wilden lopen, 
zigzagden in plaats van rechtdoor te gaan.
Ik wou dat niemand zich herinnerde hoe het eerst was,
toen de wereld nog niet in de lucht was gegooid.
En dat ik dan kon zeggen hoe schoon het was,
hoe baldadig schoon,
al die pinguïns in Afrika.

Kinderfoto's

Ik ben al mijn leven lang op zoek naar mensen van wie ik de kinderfoto's mag zien.

Tranen

Ik wil mijn tranen opvangen en ze in een leeg zwembad gieten, zodat ik erin kan duiken als ik niet kan voelen.

Geuren

Ik ben de geuren van vroeger vergeten.
Back to Top