Stopwoorden

 
ik wil dat iemand telt hoe vaak ik stopwoorden gebruik.

Dingen die ik zag in de lente

 
1. een man op de fiets hield een ananas vast als een schotel caféglazen, zijn andere hand aan het stuur.
2. iemand at een ijsje en nam daarbij smaakvol de tijd om zijn lippen af te likken.
3. hoe bundels gras in een berm op broccolistronkjes leken. 
4. een jongen sliep op een boomstronk die in een vlakte stond. hij was helemaal alleen.
5. een man met een aktetas maakte het geluid van een koekoek.

Stutmuur

 
in de stutmuur van mijn huis kerf ik de dagen dat ik je niet meer gezien heb.

Ontgoocheld

 
ik heb heel lang gedacht dat 'warme bakker' een metafoor voor gezelligheid was,
tot iemand vertelde dat het alleen maar een verplichte wettelijke categorie is
die gaat over de versheid van producten.

Maretak

 
in het Frans klinkt maretak veel erger. 
in het Noors heet het misteltein. 

Droom

 
ik heb een hele gekke droom gehad, over een uitvouwbare slaapkamer.
je moest aan een hendel trekken en dan kwam er een bed uit het plafond geaccordeond. 
mijn liefste vrienden lagen erop.
Back to Top