Een vriendin

 
mijn horloge tikt anders dan de jouwe. (I.S., 23/1/2018)

Marlene van Niekerk

 
het kan onmogelijk de schuld van de rivieren zijn. (Agaat, p. 10)
 
hij kijkt naar mijn ogen alsof het de ogen van een inktvis zijn, alsof hij niet weet waar de ogen van een inktvis precies zitten, alsof hij niet weet wat een inktvis ziet. (Agaat)
 
mijn vlees is onrechtvaardig verdeeld over mijn botten. het gewicht van mijn geraamte is het enige eerlijke aan mij. (Agaat, p. 91)
 
iemand moet een krat vol kuikens brengen en mijn handen in zijn handen houden en de kuikens in mijn handen zetten en ze voeren met het wilde deeg gestippeld met spuug en zemelen. ik wil in mijn handpalmen weer het tjilpen en kloppen voelen van een kuikenlijfje. (Agaat, p. 92)
 
 
 

Mijn huisarts

 
ik hoor je hartslag kloppen in je vingers. (mijn huisarts, 8/12/2017)

Natuurdocumentaire

 
1. babyolifanten kunnen met hun poten vast komen te zitten in de modder van een moeras.
hun grootmoeders trekken hen eruit, omdat hun moeders nog niet goed weten hoe dat moet.
 
2. het duurt acht jaar vooraleer capucijnerapen volleerde notenkrakers zijn.
 
3. tuimelaars slaan met hun staart op de zeebodem terwijl ze in een cirkel zwemmen.
zo vormen ze een ring van opgewoelde modder rond een school vissen. 
de ring wordt steeds harder aangetrokken.
er is maar één uitgang naar buiten, langs boven,
recht in de bekken van de wachtende dolfijnen.
 
4. vleesetende planten scheiden een onweerstaanbare nectar af om vliegen te lokken.
fijne haartjes aan de buitenkant bedienen de val.
die werken alleen als er 2 binnen 20 seconden worden aangeraakt.
als de plant de vlieg heeft verteerd, gaat de val weer open en maakt hij zich klaar om een nieuw slachtoffer te vangen.
maar als de plant alle bezoekende vliegen zou verorberen, bleef er niemand over om zijn bloemen te bestuiven
en dan waren er volgend jaar geen babyvliegenvalletjes meer.
daarom laat de plant zijn bloemen op hoge stelen van 30 centimer lang bloeien,
ver van de dodelijke vallen eronder.
hier kunnen de vliegen zich ongestoord te goed doen aan nectar.
in ruil bestuiven ze de bloemen.
beneden gaat het moorden gewoon verder.
 
5. de steppevaraan kan over korte afstanden enorme snelheden ontwikkelen,
maar de olifantspitsmuis is wendbaar genoeg om scherpe bochten te maken.
ze is op haar eigen terrein en buit dat voordeel maximaal uit. 
ze is de hagedis niet alleen te snel af, maar ook te slim.
ze is weer veilig thuis, op tijd om haar jong te zogen.
met haar ontsnappingspoging heeft ze het leven van beide gered.
 
6. daar is de kiezelpad.
en daar komt zijn aartsvijand, de padetende tarantula.
de kiezelpad heeft geen bepantsering.
hij kruipt heel langzaam, en springen kan hij ook al niet.
op het eerste gezicht zijn zijn kansen nihil, maar hij heet niet voor niets kiezelpad.
hij rolt en danst als een vallend kiezelsteentje van de helling af.
en zo ontkomt hij aan zijn belager.
 
7. een reuzenoctopus zoekt een nieuw huis. 
het moet precies kloppen, ze wil een gezin stichten en daar voor altijd blijven wonen.
ze legt een doorschijnend gordijn van eieren, haar eerste en enige legsel. 
een reuzenoctopus heeft maar één kans om moeder te worden.
6 lange maanden durft ze haar eieren niet uit het oog te verliezen, zelfs niet om eten te halen. 
zachtjes blaast ze water over de eieren om het uitkomen te bespoedigen.
ze kwijnt langzaam weg en maakt nog net mee hoe haar jongen ter wereld komen.
 
 
 
(uit: One Life, BBC Earth)
 
 
 
 
 
 
 
 
Back to Top