Zwemgedachten

 
dit is een dag waarop niemand zegt dat we moeten gaan slapen.
we passeren studenten die regenplassen fotograferen.
ze kijken gefronst door de lenzen van hun professionele camera’s.
de mens bezit een groot talent tot ontwikkelen. 
 
ik zie een man in gedachten verzonken.
er zijn geen redders, alleen eenden
en wij die stilzwijgend onze gedachten in de modder rollen.
we willen vlekken met rimpels worden
in een meer dat daar eigenlijk te koud voor is.
 
de winter raast de krokussen achterna.
er is het geluid van wilde bloedstromen.
we vermommen onze lichamen in zwemkleding,
ik sla een handdoek om mijn onzekerheid.
 
het water is ontroostbaar omdat ik wens dat mijn lijf een broekpak was.
dat ik het aan een boom kon hangen,
mijn tenen achter de ene tak,
mijn armen zorgvuldig over een andere.
en ik dan keek hoe het daar wiebelde.
 
we rennen. de bodem schrikt even hard als wij.
we voelen geen water, jij zegt een muur van koude.
we denken dat dat komt omdat onze benen verkleumen.
ik wil dat de vijver mijn adem bevriest.
het zand op de oever prikt aan onze voeten.
 
soms denk ik dat ik van het leven hou.
we fietsen en smeren onze avonturen
op boterhammen met bessenconfituur.
en er is niemand die zegt dat we niet uit de pot mogen eten.
Back to Top