Pompoensoep

 
ik zal altijd pompoensoep voor je maken.
 
(het blijft mijn allerliefste zin. 
ooit wordt het een titel, of een kalligrafische belofte
in de bovenhoek van een lege agenda 
wanneer mijn hart een kookvuur wordt.)

Brief

 
soms wil ik een zak over mijn hoofd trekken
of een deken vanaf mijn buik naar beneden wikkelen
en zo op gesprek komen. met mijn voeten ben ik wel tevreden;
ik vind ze fascinerend. het is bijzonder jammer dat voeten
helemaal onderaan een lichaam zitten, eigenlijk.
(einde van een brief, 24/7/2017)

Wispelturig

 
iemand zei me vandaag dat lesbische mensen altijd wispelturig zijn,
en ze knikte meelevend en keek me aan zoals een groenteboer
die plots begrijpt waarom de pompoenen het dit jaar niet zo goed doen.
ze knikte zo hard dat de drogredenen uit haar oren vlogen 
en aan de muren bleven plakken als onleesbaar besmeurde vlekken.
het oorsmeer gaf de blauwe achtergrond iets van een regenboog.
 

Wolkenkrabber 1 (Dialooggedicht met John Brains)

 
vandaag rolde ik de wereld naar buiten
en was ik jaloers op hoge gebouwen
omdat ik ook een wolkenkrabber wil zijn.

Waterfontein

 
in het station van Gent-Sint-Pieters staat een waterfontein.
en in het midden van de hal, groter dan reclameborden, 
een wegwijzer met het woord erop, eenvoudig en
alleen met pijlen in de juiste richting (rechts).
het geeft de haast iets van verstilling.
dat we allemaal toch mensen zijn
die ook gewoon maar dorst hebben.
 

Van fietsparels en een bierblikje

 
een leeg bierblikje rammelt verschrikt over straat.
het maakt belachelijk veel lawaai om afval te zijn.
als ik mijn ogen toe doe, denk ik aan fietsparels.
juf Magda zei dat je dan altijd gehoord wordt.
er komt een bus de hoek om en het blikje 
wordt genadeloos vermorzeld.
Back to Top